Tontin
                               
 

Eindelijk, Cowes Week! Na veel kuisen, achterstallig winteronderhoud en een tweetal (te) korte trainingen zouden we woensdag middag, met de halve crew, aanzetten richting Cowes. Plan was ook om ‘s morgens, met diezelfde halve crew, Tontín nog een deftige scheerbeurt te geven. Helaas had onze limousine chauffeur, de avond voordien, een te hartige sociale avond gevierd met zijn zusje, waardoor hij niet voor 11 uur onder de levenden te krijgen was. Gelukkig hadden Henry en Maarten het idee om een reguliere taxi service vanuit Brugge naar Nieuwpoort te nemen, zodat de schipper de boot enkel solo naar de kraan diende te varen. Yahani was bovendien vriendelijk genoeg om de 4 km, tussen het station van Brugge en de crash plaats van de limousine chauffeur, te voet af te leggen. Zo kon hij een niet aflatende wake up call verzorgen, zodat we tegen de middag dan toch compleet waren. Om 13:30 gooiden we de trossen los, tegen een lichte tegenstroom. 25 uur later, met een ondertussen terug onder de levenden gekeerde limousine chauffeur, kwamen we in Cowes aan. Tijdens de traditionele pre-start vermageringskuur van Tontín ontstond de gevleugelde uitspraak van de week, copyright  van onze tacticus: “sommige dingen kan je beter niet te goed kunnen”… Kwestie dat anderen het grootzeil kunnen plooien op de giek…

De nacht van donderdag op vrijdag verliep voor het grootste deel van de bemanning rustig. Enkel Jahani, onze grootzeiltrimmer, was zo gemotiveerd dat hij in half slapende toestand, en hangend uit zijn slaapkamerraam op de eerste verdieping, met volle macht de TV antenne van ons huisje begon te trimmen, luid roepend dat de rode lijn losgemaakt diende te worden. Gelukkig kwam hij tijdig tot volledig bewustzijn, voordat hij een duik had genomen uit het raam of het dak had beklommen. Drank was duidelijk niet de boosdoener. Hij had een strikt “Colakes”-dieet gevolgd de avond voordien.


Vrijdag stond aangestipt als trainingsdag, maar blijkbaar had onze secretaresse nagelaten om de agenda door te sturen naar de wind. Toen we buiten voeren, gelukkig onder Dacron om onnodige schade te voorkomen, kwamen alle binnenkomende boten onder dubbel of driedubbel gereefd grootzeil en met een klein fokje aanzetten. 5 minuten opkruisen volstond ruimschoots om te verstaan waarom. Een training op boothandling had dan ook geen, daar een spinnaker omhoog trekken in dit weer, voor het eerste startsein, veel zou lijken op Hara Kiri. Tontín keerde dan maar terug op zijn stappen, en hield een droge boothandling training, waarna de laatste puntjes op de i werden gezet qua uitrusting en optimisatie…

Zaterdag waren we extra vroeg op het water, om voor het eerste startsein toch nog even te trainen. Een noodzakelijke training, daar te veel mensen nog niet op de boot hadden gevaren, en nog veel meer mensen niet met elkaar… Na een uurtje hielden we een cool down, en leefden rustig naar de start toe. Helaas stuikte de wind ook in elkaar gedurende dit uurtje. De start werd gegeven in 6 knopen wind, terwijl wij op medium trim en met Genua 2 op voeren. Helemaal de verkeerde keuze, en Tontín lag direct in de achterste regionen. Toen de wind aantrok, begonnen we direct te lopen en rukten snel voorwaarts op. Hoogte en snelheid waren meer dan ok eens de wind 8 knopen blies, en we hadden geen probleem met de target speed. Helaas misten we een mannetje, omdat onze 2de Genuatrimmer, Rubenpas zaterdag avond aankwam. Hierdoor moest onze navigator ook  dubbelen als grootzeiltrimmer. Geen gemakkelijk situatie op de Solent, wat pijnlijk geïllustreerd werd de verschillende steken die we lieten vallen. Ook ons gebrek aan routine kwam naar boven. Het team heeft duidelijk potentieel, maar mist even duidelijk oefening tezamen… De ervaring is er, wat duidelijk werd in het tweede spirak waar we half onze klasse voorbij zeilden. Helaas trok de wind tussen de laatste twee merktekens door tot boven de 25 knopen, waardoor ons gebrek aan routine ons een viertal extra plekken kostte. Overall eindigden we 20ste.

Zaterdag waren de weersites het niet eens over de forecast, maar voor dag 2 zaten ze wel op 1 lijn: “18 – 23 knopen met uitschieters naar 30 en 35 knopen”… Om onnodig uitklapperen van het Carbon grootzeil te voorkomen staken we ’s ochtends de Dacron versie. Aan de wind leverden we weinig in qua snelheid en hoogte, en ook de eerste spirakken waren dik in orde. We lagen midden in het pak op werkelijke tijd, wat niet slecht is gezien we een van de laagste ratings zijn. Vanaf het tweede spirak liep het echter zwaar mis. De wind was aangetrokken tot 25+, met stoten naar 30+, en het was onmogelijk om onze grote, en heel diep gesneden spi te controleren. Trimmer zoals het hoort gooide ons in de Chinees, terwijl overtrimmen in combinatie met een kleinste windshift  ons viermaal deed broachen. We moesten dan ook ongeveer 60% van de voor de windse rakken op Genua varen, om niks overboord te zeilen. Het probleem lag deze keer niet zozeer in de routine van de bemanning, maar wel in de power van onze spinnakers. Leuk bij weinig wind, maar nogal destrutief boven de 25 knopen.  De stuurman was dan nog dom genoeg om te roepen “dit is ruig” toen we 15 knopen deden op vlak water. 20 seconden later, in de volgende 35 knopen windvlaag, lagen we in de Chinees. De druk in de spi was zo groot dat een van de Wichard sluitingen van de spinnakerschoot vervormd werd, terwijl twee harpsluitingen sprongen. Eentje op de barber en een tweede op het spischootblok. We hebben duidelijk een gat in onze zeilgarderobe dat dringend gevuld moet worden: een 80 vierkante meter, fractionele spi. Boven de 25 knopen zijn we anders gewoon een speelbal van onze spinnaker… De plek was navenant, 21ste

De kwaliteit van de Britse weersites is blijkbaar vergelijkbaar als Belgische. De forecast was 3 a 4. Bij de start klopte dit, met een briesje van rond de 18 knopen. Ook het eerste spirak was volgens de forecast, met begin 20 knopen. We liepen als een speer, en lagen prachtig vooraan in het tweede kruisrak. Helaas trok de wind toen aan tot ver boven de 20 knopen. Op het einde van het kruisrak werd het overleven voor ons, en verloren we alles wat we ervoor hadden opgebouwd. Tijdens het laatste spirak blies het zo hard dat bijna niemand nog spi trok, zelfs de Farr’s 45 en DK 46’s niet meer. Bij de finish was het resultaat een stukje minder. 18de. De onderhandelingen met de zeilmaker voor een fractionele, heavy weather spi waren toen al begonnen…


Dinsdag zou 10 tot 20 knopen blazen, afhankelijk van het moment van de dag. We lagen perfect voor een super start, maar zeilden Alfa helaas onwetend aan de verkeerde kant voorbij. Iedereen had er balen tabak van, maar de prijzen worden aan de finish uitgedeeld, dus we gingen met het mes tussen de tanden terug naar de start om reglementair te vertrekken. De Code 0 ging er voor de eerste maal op, en we liepen zienderogen in op het hele veld dat 5 minuten voorsprong had. Na het reach rak kwamen een aantal kruis- en spirakken, waar Tontín een lesje aan de wind zeilen ten beste gaf. We hadden snelheid en hoogte te koop, en liepen zonder moeite over grotere boten. We verloren helaas wel weer een stuk door een gebroken outhall. Ook de spirakken waren perfect, met een prachtige kiwi drop als hoogtepunt, om nog eens 100 meter extra te sprokkelen op de concurrentie. Het voorlaatste kruisrak bracht het hoogtepunt van de dag. Tontín liep over bakboord terwijl Ecover en Hugo Boss over stuurboord hun rondje Wight vervolledigden. Hoewel de aanvaringskoers van ver te zien was, moest Ecover toch een crash tack doen om ons te ontwijken. Mike Golding baalde als een stekker, maar zijn tacticus wuifde verontschuldigend. We eindigden ongeveer 30cm van hun spiegel, terwijl ook Hugo Boss zwaar moest dippen om een brochette Archambault te voorkomen… De finish was nog hectisch, maar toch werden we 16de, ondanks onze startproblemen. Morgen hopelijk meer van het goede…

Dag vijf was de eerste mooie vakantiedag. Zon en een klein briesje. Te klein om tegenstroom te kunnen starten. Eens IRC 0 weggeschoten was, begon een lange wachttijd voor wij een start kregen. IRC 1 werd zelfs weggeschoten vanop een lijn evenwijdig aan de wind… Toen we uiteindelijk weg geraakten, lagen we redelijk goed. Aan de boventon waren we in het voorste derde, maar toen gaven we helaas alles weg in de reach rakken. We misschatten de wind en de hoogte waarop we konden reachen, en daardoor liep al de rest ons voorbij onder spinnaker. Balen, en de plek was navenant…

Donderdag begon zoals woensdag, mooi weer en een licht briesje. Door een inschattingsfout van Rebbons, die dacht dat we over bakboord aan het varen waren terwijl we eigenlijk aan het driften waren, werd een aanvaring onvermijdelijk. We raakten hen vooral met onze spiboom die op dek lag. Eerst leek er geen schade, tot duidelijk werd dat de spiboom toch een serieuze slag had gekregen. De start was desastreus, zeker deels omdat dit de eerste aanvaring ooit was van de schipper. Veel werd goedgemaakt in het eerste upwind rak. Downwind liepen we ook als een speer, maar 200 meter in het reach rak gaf de spiboom er de brui, gedelamineerd door de klap van de aanvaring. Rap veranderden we naar Code 0, maar veel van ons werk ging weerom verloren. Een twintigste plek in de eindrangschikking.  ’s Avonds werd het dan brokken lijmen, of beter gezegd spalken. Met 75 centimeter aluminium buis, 24 popnagels, schilderstape en huishoudfolie was onze spiboom na een uurtje werken en een inbraak in de huurbaas zijn tuinhok weer min of meer in orde. Dit werd daarna duchtig en niet destructief getest door de voordekker op het uiteinde van de boom neer te poten. Pas daarna konden we met een gerust hart Cowes intrekken.

De nacht van donderdag op vrijdag hing Tom, onze mastman, meer dan gezond was boven WC pot. Hij had helaas niet te veel gedronken, maar was het slachtoffer van hetzelfde virus dat eerder die week ook al via Jahani en  Toon was had geveld. Helaas was het bij Tom blijkbaar een maatje sterker geworden, en vrijdag ochtend zaten we dan ook met een gat in onze bemanning. Liever dan een onbekende invaller te nemen, besloot de crew om een dag eerder aan de delivery te beginnen. Hierdoor zouden we twee racedagen missen, maar ook vroeger en comfortabeler thuis raken. Zaterdag en Zondag werd immers stevige wind voorspeld.

Zaterdag ochtend keerde Tom onder de levenden terug, en na 25 uur varen lagen we tegen tweeën ’s middags weer in Nieuwpoort. Een gezamenlijk schrobuurtje verder blonk Tontín weer als tevoren, en was het tijd voor een nababbel en pint. De algemene teneur was dat we heel hard gingen, dat we veel tegenslag hadden gekend, dat we veel hadden gesloopt en dat we, wanneer we tegenslagvrij konden waren, zelf in de fout gingen om een goede klassering te verliezen. Iedereen heeft zich echter zalig geamuseerd, en heeft het volle vertrouwen dat we op middelkorte termijn in staat moeten zijn om potten te breken in wedstrijden. Hope and see…



  © Tontin.org   -   http://www.tontin.org   -   info@tontin.org   -   login   -   powered by WebConsultants.eu